Een gele wereld

be happy

De gele wereld
Vandaag een opnieuw een roman en geen zelfhulpboek. Dat wordt tenminste in het boek zelf gezegd; “dit is geen zelfhulpboek. Ik geloof niet in zelfhulpboeken.” En toch is dat precies wat de schrijver volgens mij heeft gedaan. In het boek “de gele wereld” beschrijft Albert Espinosa de vaardigheden, die hij heeft geleerd in de 10 jaar dat hij kanker had. Met deze vaardigheden kun je ook buiten het ziekenhuis je voordeel doen. De schrijver is nu rond de 40 en heeft tussen zijn 14e en 24ste levensjaar meer in dan buiten het ziekenhuis geleefd. De ziekte heeft hem een been, een long en een gedeelte van zijn lever gekost. Toch is hij er nog en is nu als schrijver, scenarioschrijver en techneut werkzaam.
Ik ben pas op de helft, dus vandaag alleen wat over de adviezen van de eerste helft van het boek.

Verlies is winst
Toen hij wist dat hij zijn been ging verliezen, raadde de dokter hem aan een feestje te geven voor zijn been. Om er bij stil te staan wat het voor hem heeft betekent en te rouwen over het verlies. Volgens hem heeft het geholpen, want hij heeft nooit fantoompijn gehad en meteen zijn situatie geaccepteerd. Volgens hem levert het verliezen van iets vaak meer winst op. Met het verlies van zijn been heeft hij zijn leven gewonnen. Het lijkt mij prachtig als je er zo mee om kunt gaan, maar is dit niet voor iedereen weggelegd. Maar oefening kan vast geen kwaad. Als je denkt aan iets dat je verloren hebt jou hebt en je richt op het volledig accepteren, kun je dan ook zien wat het je heeft opgeleverd?

Lopen, lachen en ademen horen bij elkaar
Albert Espinosa heeft 4 keer opnieuw leren lopen. De eerste keer kan hij zich niet herinneren, net als de meesten van ons. Maar de andere 3 keer met verschillende protheses heeft hij heel bewust meegemaakt. En hij merkte dat hoe hij met de prothese kon lopen ook invloed had op hoe hij zich voelde. Dus beweert hij nu stellig: Laat me zien hoe je loopt en ik zal je zeggen wie je bent”.
Dat was voor mij wel een eye-opener. Vooral dat ademen en lopen bij elkaar. Ik doe nog braaf ademhalingsoefeningen en ben me tijdens bijv. dit typen ook wel van mijn ademhaling bewust. Maar toen ik erop ging letten, zag ik dat ik bij het lopen de adem inhoud. Dus nu ben ik overdreven mijn aandacht op de ademhaling aan het richten als ik loop. En, raar maar waar, dat maakt dus inderdaad uit. Misschien volgt dan het lachen vanzelf. Voor iedereen die vanzelfsprekend loopt betekent dit niet zo veel. Maar als je moeite hebt met lopen dan kan het jou misschien ook helpen.

Volgende keer meer.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.