dr Frankenstein, I presume?

Veel kennis leidt niet tot wijsheid – Ricardo Semler

Het monster van Frankenstein
De afgelopen week dook ineens een nieuwsbericht op over een Italiaanse arts, die beweert dat hij binnen 2 jaar een hoofd op een ander lichaam kan transplanteren. Ja, je leest het goed. Ik dacht eerst ook dat het een 1-april grap of zo was. Maar de arts in kwestie wist het zeker. Het gaat hem lukken om deze operatie binnen 2 jaar te realiseren. Het benodigde geld denkt hij op te kunnen halen via crowdfunding. Een rondgang van een krant bij collega artsen leverde niet veel bijval op. Nog los van de ethische bezwaren dachten zij ook niet dat het mogelijk was.

Ik kon uiteindelijk alleen aan het verhaal van Frankenstein denken, die er in zijn laboratorium in geslaagd was uit levenloos materiaal een schepsel te maken. Dat schepsel leert van andere mensen en boeken, maar is voor Victor Frankenstein toch meer last dan zegen. En dat denk ik ook van het bovenstaande voornemen.
Misschien gaat het ooit gebeuren maar moeten we dat wel willen?

De wereld kantelt
De laatste tijd heb ik verschillende documentaires van Tegenlicht gezien over hoe we aan de vooravond van grote veranderingen staan. In een daarvan komt Ricardo Semler aan het woord. Hij denkt dat het systeem dat we nu kennen aan het einde is en dat de wereld die we nu gecreëerd hebben, niet het beste in ons naar boven brengt. Er is wel veel kennis, maar de wijsheid is ver te zoeken. In de andere uitzendingen ging het over vernieuwing in het onderwijs en een Nederlandse professor, die een kantelbeweging op gang wil brengen. De laatste is ook overtuigd dat het beter, duurzamer en meer met een menselijke maat kan. Want we zijn het vertrouwen in banken en instituties kwijt geraakt. We zoeken weer naar netwerken en lokale ondernemingen.

Dat bracht me aan het denken over de gezondheidszorg. Want het eerste voorbeeld is er één in een lange reeks van bijzondere ontwikkelingen in de mogelijkheden. Organen, die normaal afgekeurd zouden worden, kunnen in een laboratorium in leven worden gehouden en gefilterd, zodat ze toch bruikbaar zijn. Op termijn kan een injectie met stamcellen het orgaan in het lichaam herstellen enz. Het denken in onderdelen en het vervangen ervan is nu ruim 60 jaar beschikbaar. En heel veel mensen kunnen daardoor langer leven. De kennis over het lichaam neemt toe en daardoor kunnen steeds meer ingrepen succesvol worden uitgevoerd. En wat kan dat moet ook gebeuren. Bijna niemand stelt daar een vraag bij.

“Maar”, hoorde ik pas iemand zeggen, “artsen zijn heel knap. Ze kunnen echt steeds meer. Maar zo goed als het was wordt het toch niet meer.”
En ik las in het blog van een mantelzorger dat haar man niet nog een keer gereanimeerd wil worden. Het leidt haar tot de stille vraag “Wat doen ze ons toch aan?”
Misschien moeten we deze vervangings-geneeskunde eens kritisch onder de lamp leggen. En ons afvragen waarom een lichaam dat gebouwd is om 120 jaar te worden het maar zo’n 70 jaar volhoudt. Wat is er voor nodig om het volledige potentieel te benutten? Dus hoe kunnen we gezond blijven in plaats van steeds opgelapt te moeten worden? De kennis heeft ons nog niet naar wijsheid geleid. En er is wel wijsheid nodig. Wijsheid om te zien wat we zelf kunnen veranderen, wat we wel moeten vervangen en de wijsheid om te weten dat het genoeg is. Niet van een enkele ethicus, maar van de patiënten en hun partners zelf.

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.