Mind over body?

Wat achter ons ligt en wat voor ons ligt, zijn slechts kleine aangelegenheden vergeleken met wat in ons ligt. ~Ralph Waldo Emerson

Alles begint met een gedachte
Dat alles begint met een idee wordt in het algemeen wel als gemeengoed geaccepteerd. De grootste gebouwen zijn gerealiseerd omdat iemand een idee had van wat er zou kunnen. Reizen naar de maan waren nooit ondernomen als niet iemand had bedacht dat dat wel een goed idee zou zijn. Dus we accepteren dat we met onze denkkracht heel veel kunnen realiseren. Nog net geen echte bergen kunnen verzetten, maar verder is er niet veel onmogelijk. Behalve wanneer het op ons eigen lichaam aankomt. Dan kunnen wij er niets aan doen en alleen aan de dokter vragen “maak mij beter”.

Mind over body?
Er wordt sinds 2011 wel onderzoek gedaan naar “the iceman” Wim Hof. Hij beweert nl. dat hij geleerd heeft zijn hartslag, bloeddruk en temperatuur zelf te kunnen regelen ongeacht de omstandigheden. Daarvoor heeft hij extreme experimenten uitgevoerd. “Hij beklom blootsvoets besneeuwde bergen, liep op blote voeten een hardloopwedstrijd boven de poolcirkel en stond ruim zeventig minuten in een bad met ijsklontjes. Wim Hof strijdt al jaren voor medische erkenning. Hij wil bewezen zien dat hij zijn immuunsysteem kan beïnvloeden, iets dat door de wetenschap voor onmogelijk wordt gehouden. Het wetenschappelijk onderzoek naar Wim Hof, beter bekend als The Iceman, heeft opmerkelijke resultaten geboekt, stellen wetenschappers van het UMC St Radboud”. bron Gezond 24.

Beperkende gedachten over het lichaam?
Stel je eens voor dat hij mensen technieken kan leren waardoor auto-immuunziekten door henzelf kunnen worden behandeld. Dat zet dan het hele medische denken tot nu toe op zijn kop. En stel je eens voor wat voor mogelijkheden en vrijheid dit mensen weer zal geven. Dan kunnen zij de vraag “maak mij beter” veranderen in “leer mij gezond te blijven”. Als hij klaar is voor zijn eerste groep studenten meld ik me meteen aan. Maar meer nog dan ik nieuwsgierig ben naar zijn technieken zou ik het geweldig vinden als iets wat wetenschappelijk voor onmogelijk wordt gehouden toch bewezen kan worden. Want volgens mij is alleen al het feit dat wij geloven dat iets niet kan, voldoende om het niet te proberen. Probeer eens te achterhalen door welke beperkende gedachten jij je laat leiden. En ben je bereid ze te onderzoeken?

Tussen de oren

Iedereen heeft wel een trauma. Als hij maar wil. – Paul van Vliet

Weerstand tegen de psychische component van ziekte
Ik blijf nog even bij de psychische component van ziekte. Juist omdat dit vaak zo stellig wordt uitgesloten. Ik weet nog heel goed dat het boek van Louise Hay “Je kunt je leven helen” uitkwam. En ik herinner me de reactie begin jaren ’90 o.a. van Karin Spaink. In haar boek “het strafbare lichaam” gaat ze heel stellig alle suggesties dat ziekte iets te maken heeft met hoe je denkt en bent uit de weg. Op internet vond ik de volgende quote van haar “niet ik ben ziek, mijn lichaam is ziek”. Dat geeft duidelijk aan dat zij een lichamelijke klacht alleen op het lichamelijke niveau wil laten. En dat willen veel mensen. Prima. Maar het past niet bij mij. Dus ik ga toch even verder op de theorie van de “orenmaffia”.

Heb je schuld aan je ziekte?
Een groot misverstand is dat je schuldig bent aan je ziekte of het niet beter worden. Dat wordt volgens mij door niemand beweerd. En verder wordt je door positief denken niet beter. Zomaar positief denken, betekent het ontkennen van de situatie die er is en daardoor maken we onszelf in de war. Elke onevenwichtigheid in ons, emotioneel, rationeel, etc. wordt door het lichaam (of soms door de psyche) naar buiten gebracht. Als je ziek wordt wil de klacht je wijzen op een onevenwichtigheid die jij niet onder ogen kon of wilde zien. Ik zei altijd dat ik geen jeugdtrauma’s had en verder ook een heel gewoon leven. In mijn jeugd waren er wel 2 gebeurtenissen, die traumatisch hadden kunnen zijn, maar ik had daar geen herinneringen aan. Dus ik wist wat er was gebeurd en heb dat altijd als feit aangenomen. Ik wist niet dat gevoel, van iets wat te groot voor je is op dat moment, afgesloten kon worden. Toen ik begon met mijn psyche te onderzoeken kwam ik erachter dat het voor mij als klein kind wel degelijk heel traumatisch is geweest. En dat je systeem om te overleven een manier vindt om dat niet meer te voelen. Het duurde heel lang voordat ik weer bij dat gevoel kon. Daarvoor hoefde ik dezelfde situatie niet nog een keer te beleven. Doordat ik ouder ben was er afstand tot de situatie en hoefde ik er niet naar te kijken zoals een kind van 3 jaar doet. En ik kon zien dat ik als 3-jarige onjuiste conclusies heb getrokken. Door het gevoel te herkennen en te erkennen kon ik dat deel helen. Dus ook al heb je geen zichtbare trauma’s, wees open voor alle sporen. En juist als je weet dat er iets gebeurd is, en je hebt er totaal geen herinneringen aan, zoek dieper.

Wat zegt het spreekwoord?

Hij heeft zijn arm in een nutella – Aardenwerk reclame

Spreekwoorden en het lichaam
Ook al zijn wij een groot deel van de betekenis van de lichamelijke signalen vergeten, in onze taal zijn ze nog wel te vinden. Misschien zijn we daar ook de diepere betekenis van vergeten en worden ze verhaspeld zoals hierboven. Ik vond via Google 36 spreekwoorden en uitdrukkingen die `handen` bevatten. Op http://www.jananneloonstra.nl/p-ingez_sprwgez.html staan spreekwoorden en gezegden gerubriceerd op lichaamsdeel. Ik gebruik er hier maar een paar.

Wat heb je op je lever?
Je bent met handen en voeten gebonden.
Dat ligt zwaar op de maag.
Iets is moeilijk te verteren.
Je zit met je handen in het haar.

Onderzoek of het spreekwoord voor jou waar is
Je kunt je onderzoek vervolgen door te kijken of er over jouw klacht een spreekwoord of gezegde is. Hoe dit kan werken, kan ik het beste uitleggen met een voorbeeld van mezelf. Mijn polsen waren redelijk onbeweeglijk geworden. En dan kun je bij spreekwoorden bijvoorbeeld denken aan “iemand die alle touwtjes strak in handen wil houden” of “iemand die moeilijk de teugels kan laten vieren”. De betekenis is dan “zoveel mogelijk in controle zijn” en “moeilijk een minder streng beleid voeren”. Dat herkende ik bij mezelf wel. Ik was er altijd van overtuigd dat ik het moest doen, anders kwam het niet goed en het moest ook op mijn manier. Ik heb later geleerd dat die overtuigingen op zijn hoogst maar een gedeeltelijke waarheid zijn. Het spreekwoord geeft een aanwijzing over wat de lichamelijke klacht je wil zeggen. Dus zoek een spreekwoord dat bij jouw klacht hoort en kijk of er iets van waarheid in schuilt.

De taal van het lichaam

Ik wilde wel naar mijn lichaam luisteren, maar ik spreek die taal niet. Quinta, Quita’s blog gezondheidsplein

Het lichaam versus het hoofd
Wij leven voornamelijk in ons hoofd. Daar verzinnen we hoe ons leven eruit moet zien, wat we willen bereiken en het lichaam moet gewoon maar mee doen. We worden heel goed in het negeren van de behoefte van ons lichaam. We gaan vaak meer eten als we het lekker vinden, snoep, frisdrank en chips. Ook al geeft het lichaam allang aan dat we genoeg hebben, ons hoofd heeft de fantasie dat het nog niet genoeg is. We nemen ook liever een espresso als we moe worden dan dat we gaan slapen. Want we hebben zoveel te doen, mee te maken en moeten op de hoogte blijven. Het wordt steeds moeilijker om de baas te blijven over alles wat ons ter beschikking staat en de spullen niet de baas te laten worden over ons. Ik bedoel facebook en twitter zijn prachtige media, waardoor je steeds van alles op de hoogte kunt blijven. Maar er zit wel een knop aan. Je kunt zelf bepalen wanneer je wel en niet kijkt. Het appél van ons hoofd en een virtuele wereld is heel groot. En het lichaam en wat het ons wil zeggen daardoor steeds minder interessant.

De eerlijkheid van het lichaam
Door bovenstaande afleidingen om ons heen spreken we de taal van het lichaam steeds minder. Het lichaam heeft geen fantasie. Het lichaam heeft niets overbodig. Het reageert even goed op stress door brand als stress door een tv programma. Het lichaam geeft meteen aan wat het ervaart. Het reageert op warmte door te zweten en op kou door kippenvel. Als we nerveus zijn kunnen we vlekken op de huid krijgen of last van de darmen. Ons lichaam vertelt ons eigenlijk heel direct wat wij voor onszelf niet onder ogen willen zien. En zoals eerder gezegd, we kunnen het gemakkelijk negeren. Als we ziek worden, moeten we ons best doen om opnieuw contact te maken met de signalen van het lichaam. En als we er moeite voor doen herkennen we het wel weer.

Het lichaam als tegenstander?

Ik heb tegen mijn lichaam gevochten en verloren – Richard Krajicek persconferentie bij het beëindigen van zijn tennisprof.carrière

Verloren van het lichaam?
Dit bovenstaande citaat heeft me een tijd bezig gehouden. Ik zag het op tv medio 2003 en ik had op dat moment nog nergens last van. Maar het stelde me wel voor een puzzel. Vechten tegen je eigen lichaam? Ik probeerde me te verplaatsen in een topsporter. Iemand die elke prijs wil winnen, die hij mogelijk acht. En daarvoor zijn lichaam iedere dag door hard werken tot het uiterste dwingt. En er ook op wil vertrouwen dat hij superfit en krachtig is. En dan na heel veel blessures en telkens weer revalideren toch tot de conclusie moet komen dat het lichaam het niet meer aankan. Menig sporter gebruikt alles wat mogelijk is, al dan niet verboden middelen, om te voorkomen dat dat gebeurt. Dat is ook logisch want de prestaties die zij willen halen, daar zijn de meeste lichamen niet op gebouwd. En hoewel de meesten van ons dat niveau niet gaan bereiken, hebben wij zo onze eigen doelen en plannen in het hoofd. En ook wij zijn vaak slavendrijvers voor het lichaam. Het moeilijkst is te accepteren dat je leven soms een wending maakt, die jij niet hebt bedacht. Als dat betekent dat je iets wat je graag doet en waar je goed in bent moet opgeven. De meeste kortdurende klachten zijn gemakkelijk op te lossen met een pijnstiller. Dan kunnen we tenminste gewoon doorgaan met wat we van plan waren. Als ineens die oplossingen niet meer werken en we een langdurige klacht niet meer zo gemakkelijk kunnen uitschakelen, dan voelt het alsof het lichaam ons in de steek laat. Of dat ons lichaam ons tegenwerkt. Welk resultaat denk je dat jou is ontnomen?

Praten over je ziekte

Sinds ik ziek ben, weet ik wat u heeft. Herman Finkers

Ziekte als gespreksonderwerp
Praten over je ziekte, vind ik een lastig onderwerp. Ik heb het zelf altijd tot een paar mensen beperkt. Want wat had ik er dan over te zeggen? Dus met mij ging het altijd goed. En sinds ik een keer op de tennisbaan door iemand werd aangesproken, omdat volgens haar mijn partner zich grote zorgen over mij maakte, kreeg ook hij de instructie te zeggen dat het goed met mij ging. De waarheid gebiedt me nu om te zeggen dat het niet altijd goed ging. Maar ik kon meestal wel functioneren en wist een heleboel te maskeren. Ziekte maakt eerlijk. Mijn lichaam toonde soms meer dan ik wilde. En als ik er dan wel over praatte, hoorde ik òf adviezen over wat ik vooral moest doen of laten, òf ik hoorde welke klachten anderen hadden. En als ik al eens iets losliet over wat ik aan het doen was of dat je anders naar ziekte kon kijken, dan was steevast de respons dat het dan met mij niet zo erg was. Want bij hen kon dat echt niet. Dan hield ik maar verder mijn mond. Aan al die mensen, die oprecht belangstellend informeerden hoe het met me ging en daar niet echt antwoord op kregen, bied ik mijn excuses aan. Maar ik had er geen woorden voor. Want hoe vertel je over al die emoties die door je heen razen? Over gedachten aan wat misschien gaat gebeuren en wat je ’s nachts wakker houdt. Onze sociale code en zeker de mijne is “houd je goed” en “gewoon doorgaan”. Dat vinden we in zieken ook het meest te bewonderen. Als iemand ondanks zijn ziekte niet bij de pakken neer gaat zitten en nog alles uit het leven wil halen. Ik denk dat je soms wel bij de pakken neer moet gaan zitten. En al die gevoelens en gedachten de ruimte moet geven. Tegenover anderen? Dat weet ik nog steeds niet. Ik had en heb daar geen woorden voor.

Goed advies

Wise men don’t need advice. Fools won’t take it. – Benjamin Franklin (Wijzen hebben geen advies nodig. Dwazen kunnen het niet aannemen)

Tips van anderen
Als je zelf onderzoek gaat doen, kun je heel veel informatie vinden op het internet en in boeken. En natuurlijk ook door met mensen te praten. Soms hebben ze zelf iets uitgeprobeerd of kennen ze iemand bij wie iets heel goed heeft gewerkt. En al die tips zijn welkom in je onderzoek. Ga er niet vanuit dat dat voor jou ook het beste middel is. Sommige dingen passen gewoon niet bij wie je bent. Dat had ik bijv. met koperen armbanden. Een paar mensen hebben me dat aangeraden. Maar ik weet het niet, het was niets voor mij. En die tip heb ik wel onderzocht, maar nooit echt zelf uitgeprobeerd. Ik zie wel de goede bedoelingen van mensen die je een advies geven. Ze willen je graag helpen. En als je zelf hebt gemerkt dat iets goed werkt of je hebt het bij een ander gezien, dan geef je dat het liefst door. Maar ik ben er zelf terughoudend in geworden.

Wacht op een vraag voor je advies geeft
Mijn stelregel nu is dat als iemand er niet naar vraagt, ik er ook niets over ga zeggen. Want je weet dan niet waar iemand mee bezig is en of hij of zij wel open staat voor een andere aanpak of gewoon een advies. Ik weet nog dat ik tijdens mijn opleiding van een docent hoorde dat het beste advies wel eens niet bereikbaar kon zijn voor degene aan wie je het geeft. Zijn voorbeeld was het volgende. Het beste advies voor iemand die depressief is, is: ga hardlopen. Maar iemand die depressief is, moet er niet aandenken om de deur uit te gaan, laat staan hardlopen. En dan kun je nog zo’n goed verhaal hebben over de aanmaak van bepaalde stoffen in de hersenen en wat een veranderde hartslag en ademhaling allemaal voor je kunnen betekenen, het komt op dat moment niet aan. De stap tussen waar iemand is en jouw advies is op dat moment niet te nemen. Dus in deze stukjes vertel ik wel een beetje wat voor mij heeft gewerkt, maar vooral hoe je zelf tot die stappen kunt komen die bij jou passen.

Onderzoek

Onderzoek alles, behoud het goede – de Bijbel

Zoektocht naar beter
Een Christelijke opvoeding verloochent zich nooit :). Ik denk eigenlijk dat mijn moeder dit vaak zei. Maar goed, je wilt meer te weten komen over je ziekte en verlangt naar beter. Je hebt al een paar aanwijzingen gekregen. En omdat jij jij bent, weet jij het beste wat bij je past. Je start je eigen onderzoek. Onderzoek vraagt een objectieve blik. Teveel emoties, wanhoop of angst houden je af van goed onderzoek. Mijn tip: ga als een detective te werk.

Kenmerken van een detective
Omdat ik nogal wat Engelse speurders aan het werk heb gezien, uiteraard alleen via de tv, geef ik hieronder aan wat in mijn ogen de kenmerken van een goede speurder zijn. Het valt op dat ze meestal met zijn tweeën zijn en heel verschillende persoonlijkheden. Het zijn vaak eigenzinnige mensen met een heel eigen gevoel voor humor. Ze hebben vaak een intuïtieve ingeving en laten zich door niets of niemand tegenhouden. Ze bestuderen de plaats delict uitgebreid. En gebruiken alle kennis die voorhanden is. Welke aanwijzingen zijn er achter gelaten? Zijn er sporen, getuigen? Het werken in duo’s zorgt ervoor dat de zaak vanuit verschillende oogpunten wordt bekeken en dat heb je bij goed onderzoek nodig. Je ziet je eigen denkfouten niet zo snel, want de ratio bewijst altijd zijn eigen gelijk (R.J. Heijn) Ze bevragen elkaar: is dat wel zo?, waar is je bewijs? en eventueel dringen ze aan om de proef op de som te nemen. Verder valt op dat ze zich in een zaak vastbijten en niet loslaten totdat ze weten hoe het in elkaar zit. En altijd alle sporen nagaan. Niet te snel bij één theorie laten. Dat noemen ze een tunnelvisie. Dat leidt tot vergissingen en die kun je niet gebruiken. Verder schrijven ze de bevindingen op. Vaak is er ook nog een overzichtsbord met de zaak en alle sporen. En heel belangrijk: voor de duur van het onderzoek worden er geen mededelingen gedaan aan derden. En er wordt geen actie ondernomen totdat het bewijs sluitend is.